Spring naar inhoud
Markt & handel

Wat leert één jaar kwartierprijzen ons over de Belgische energiemarkt?

Rond twee uur ’s middags kostte stroom het afgelopen jaar gemiddeld ongeveer €48/MWh. Rond kwart voor acht ’s avonds was dat bijna €159/MWh. Het verschil is groot, en zelfs binnen hetzelfde uur kunnen prijzen flink uiteenlopen. Eén jaar Belgische kwartierprijzen toont hoe sterk het moment van verbruik of productie meespeelt.

Tom Declerck20 oktober 20266 min lezen

Van 24 uurprijzen naar 96 kwartierprijzen

Sinds 1 oktober 2025 werkt de Europese day-aheadmarkt, waarop elektriciteit voor de volgende dag wordt verhandeld, met kwartierprijzen. Een gewone dag telt daardoor 96 prijzen in plaats van 24.

Wij analyseerden de 35.040 Belgische kwartierprijzen van het eerste volledige jaar, van 1 oktober 2025 tot en met 30 september 2026. Die analyse laat zien hoe groot de prijsverschillen zijn, zowel tussen dagen als binnen hetzelfde uur.

Het eerste jaar in cijfers

Indicator

Resultaat

Prijsniveau

Gemiddelde prijs

€100,94/MWh

Mediaan

€100,00/MWh

Minimum en maximum

-€499,29/MWh en €1.038,25/MWh

Extremen

Negatieve kwartieren

1.344 (gelijk aan 336 uur)

Kwartieren op of onder nul

1.527

Kwartieren boven €200/MWh

1.327

Kwartieren boven €500/MWh

31

Kwartieren boven €1.000/MWh

1

Bewegingen van kwartier tot kwartier

Gemiddelde absolute kwartiersprong

€9,18/MWh

Grootste stijging in 15 minuten

€390,57/MWh

Grootste daling in 15 minuten

€225,06/MWh

Spreads*

Gemiddelde intra-uurlijke spread

€23,98/MWh

Maximale intra-uurlijke spread

€626,44/MWh

Mediane dagelijkse spread

€138,77/MWh

Gemiddelde dagelijkse spread

€153,82/MWh

Bron: analyse Strado Group van de Belgische day-aheadkwartierprijzen van EPEX SPOT, van 1 oktober 2025 tot en met 30 september 2026.

*Een spread is het verschil tussen de hoogste en de laagste prijs binnen een uur of dag. De kwartiersprong geeft aan hoeveel de prijs tussen twee opeenvolgende kwartieren verandert.

Opvallend: er waren bijna evenveel kwartieren boven €200/MWh als kwartieren met een negatieve prijs. Beide kwamen elk in ongeveer 3,8% van alle kwartieren voor.

Goedkope middag, dure avond

Het dagelijkse prijsverloop laat een herkenbaar patroon zien. Midden op de dag brengen zonnepanelen veel elektriciteit op de markt. Tegen de avond neemt die productie af, terwijl de vraag naar stroom hoog kan blijven.

Dat zien we terug in de cijfers. Van 14u tot 14u15 lag de gemiddelde kwartierprijs op ongeveer €48/MWh. Van 19u45 tot 20u was dat bijna €159/MWh: ruim drie keer zoveel.

Voor bedrijven met een batterij of verbruik dat ze kunnen verschuiven, biedt dat mogelijkheden. Denk aan een batterij die overdag oplaadt en tijdens de avondpiek stroom levert. Of aan een installatie die een deel van haar verbruik naar goedkopere momenten verplaatst.

Hoeveel dat oplevert, hangt af van de installatie, de bedrijfsactiviteiten en het energiecontract. Maar de prijsverschillen maken duidelijk waarom het loont om die mogelijkheden te onderzoeken.

Ook binnen hetzelfde uur telt het moment

De analyse van de kwartierprijzen laat zien dat er ook binnen één uur veel kan veranderen.

Het verschil tussen het goedkoopste en het duurste kwartier binnen hetzelfde uur bedroeg gemiddeld bijna €24/MWh. In 5% van de uren was dat meer dan €73/MWh, met een uitschieter van €626,44/MWh op 24 juni van 19u tot 20u. Bijna een kwart van alle kwartierprijzen week bovendien meer dan €10/MWh af van het bijbehorende uurgemiddelde.

Een jaar kwartierprijzen op de Belgische markt

Negatieve prijzen komen vooral in het weekend voor

Het eerste jaar telde 1.344 kwartieren met een negatieve prijs. Samen komt dat overeen met 336 uur. Meer dan 70% daarvan viel in het weekend.

Dat is verklaarbaar: veel bedrijven verbruiken dan minder elektriciteit, terwijl zonnepanelen blijven produceren. Wanneer het aanbod de vraag overtreft, kan de marktprijs onder nul zakken.

Voor een producent kan stroom injecteren op zulke momenten geld kosten. Voor een bedrijf dat elektriciteit kan afnemen of opslaan, kan een negatieve marktprijs juist interessant zijn.

Ook tussen de seizoenen waren er verschillen. De lente kende de diepste negatieve prijzen. In de zomer schommelden de prijzen het sterkst en werd het duurste kwartier van het jaar genoteerd tijdens de hittegolf van juni: maar liefst €1.038,25/MWh.

Wie alleen naar uurprijzen kijkt, ziet niet hoe sterk de prijs binnen hetzelfde uur kan verschillen. Voor bedrijven die hun verbruik of een batterij kunnen sturen, kan een kwartier eerder of later laden al een verschil maken. Het loont dus om te kijken op welke kwartieren u verbruikt en hoeveel ruimte u hebt om dat te verschuiven.

De ondergrens voor prijzen ging verder omlaag

In het voorjaar van 2026 kwam de marktprijs verschillende keren dicht bij de toenmalige ondergrens van -€500/MWh. De bodemprijs daalt automatisch met €100 als de prijs in een periode van 30 dagen op minstens twee dagen in meerdere tijdseenheden onder 70% van het toenmalige minimum zakt. De prijzen voor 26 april en 1 mei 2026 leidden volgens de Europese regels tot een verlaging van die grens naar -€600/MWh. Die nieuwe ondergrens geldt vanaf de handelssessie van 28 mei, voor levering vanaf 29 mei 2026.

Het laagste Belgische kwartier van het jaar, -€499,29/MWh, lag dus vrijwel tegen de oude ondergrens. De prijs kon op dat moment nauwelijks verder dalen. Zonder die grens had het productieoverschot mogelijk tot een nog lagere prijs geleid.

Na de verlaging kwam de Belgische prijs in de onderzochte periode niet in de buurt van de nieuwe grens. Het laagste kwartier vanaf 29 mei bedroeg -€52,99/MWh. De ruimere ondergrens betekent wel dat prijzen in de toekomst dieper negatief kunnen worden.

Wat betekent dit voor uw bedrijf?

Eén jaar kwartierprijzen maakt duidelijk hoe belangrijk het moment van verbruik en productie is. Voor uw bedrijf loont het daarom om te bekijken waar u kan bijsturen. Kunnen bepaalde installaties op een goedkoper moment draaien? Kan u meer van uw eigen zonneproductie gebruiken? En welke rol kan een batterij daarin spelen?

Niet elk bedrijf heeft dezelfde mogelijkheden. Veel hangt af van uw activiteiten, uw installaties en uw energiecontract. Een goede aanpak begint daarom bij inzicht in uw eigen verbruik en productie. Van daaruit kunt u bepalen welke aanpassingen haalbaar zijn en waar automatische sturing een meerwaarde biedt.

Deel dit artikel